Club wordt een vaste waarde in de Belgische top

In de tweede helft van de jaren 60 nestelt Club zich, naast Anderlecht en Standard, in de top-3 van het Belgische voetbal.
Zoals je kan zien in onderstaande tabel eindigt Club in de tweede helft van de jaren ’60 en het begin van de jaren ’70 maar liefst vijf keer tweede.

1963-1964

12.

1964-1965

9.

1965-1966

5.

1966-1967

2.

1967-1968

2.

1968-1969

5.

1969-1970

2.

1970-1971

2.

1971-1972

2.

1972-1973

kampioen

Het zelfvertrouwen van blauw-zwart groeit elk seizoen. En het bestuur en de spelers willen zich ook tonen aan de buitenwereld. Een eerste bewijs daarvan is dat Club zich op het internationale toneel toont.
In 1967 stelde Club zich kandidaat voor de beker der jaarbeurssteden. Op dat moment verdiende men de kwalificatie nog niet op basis van plaats in rangschikking in de nationale competitie. Men moest zijn selectie bepleiten voor een comité. Club zond hiervoor secretaris Willy Lagasse naar Genève. Hij gaf aan dat in Brugge elk jaar een heuse jaarbeurs werd georganiseerd. Dat op deze beurs eigenlijk niet veel meer werd gedemonstreerd dan het nieuwste type strijkijzer of naaimachine, gaf hij wellicht niet mee. Hoe dan ook. Clubs kandidatuur werd aanvaard en blauw-zwart zou voor het eerst in Europa aantreden!

De eerste Europese tegenstander werd Sporting Lissabon. 

 

Club staat klaar om met het vliegtuig naar Lissabon af te reizen

Club staat klaar om met het vliegtuig naar Lissabon af te reizen

Eindelijk een prijs: bekerfinale 1968

persfoto-bekerfinale-club-beerschot-1968-bis

In mei 1968 pakt Club zijn eerste Belgische beker uit haar geschiedenis. In een zonovergoten Heizelstadion bekampt blauw-zwart “de mannekes” van Beerschot. Beerschot komt al snel op voorsprong (minuut 7). Fernand Boone houdt de kansen van Club gaaf, door een penalty te stoppen. In de tweede helft drukt Club de Antwerpenaren terug en in de 84e minuut wordt de gelijkmaker gescoord. We krijgen verlengingen. Daarin wordt niet meer gescoord. Maar in twee (!) penalty-reeksen, die elk aan een andere kant van het veld genomen worden, trekt Club aan het langste eind.

Bekerfinale 1970: Met 50.000 op de Heizel

Twee jaar later speelt Club opnieuw de bekerfinale. Deze keer tegen Daring Brussel. Pittig detail: Norbert Höfling, die Club nog naar de bekerzege in 1968 leidde, is nu trainer bij de Brusselaars. Club is veel te sterk en wint met een indrukwekkende 6-1 !

img_1025

Dromen van een titel

Begin jaren ’70 was het hoofdgesprek het beroepsvoetbal dat ongetwijfeld binnen de kortste tijd ook in ons land zou worden ingevoerd. Niemand wilde de trein missen, zeker Club niet. Het werd bijna een obsessie!

Na het winnen van de twee bekerfinales begonnen het bestuur en de supporters ook te dromen van een nieuwe titel. In 1972 ging de titel nog in extremis naar Anderlecht. Wie dacht dat de Clubleiders bij de pakken zouden blijven zitten, had het mis. De vijf tweede plaatsen op zes seizoenen bleken een extra motivering.

Club investeerde stevig en versterkte zich onder andere met Ulrich Le Fèvre, Ruud Geels en Georges Leekens. Club wilde persé gereed zijn voor de grote sprong voorwaarts en over een ploeg beschikken met potentie.

Er werden nog wondermiddelen uit de mouw getoverd zoals het te koop aanbieden van abonnementen voor 3 seizoenen maar men vergat dat op termijn dit de financiële toestand nog meer zou verzieken.

club_abo_1968-1

Trainer Leo Canjels had door het net niet halen van de titel in 1972 ook zijn lesje geleerd. In het seizoen 1972-1973 koos hij voor een defensieve aanpak. Hij werd hiervoor bekritiseerd, maar door deze tactiek speelde Club deze keer wel kampioen. En dan nog op het veld van de grote rivaal Anderlecht.

 

Het financieel tekort bracht de blauwzwarten in grote verlegenheid, in zulke mate dat zonder hulp van buiten af Club de ondergang tegemoet ging. Dit was de zwartste tijd uit het bestaan van Club en goed bestuur kon dit bezwaarlijk genoemd worden. Maar hulp daagde op in de persoon van burgemeester Michel Van Maele, omringd door zakenlieden die bereid waren in te staan voor het delven van de schulden.