Op 13 november 1901 was Club 10 jaar geworden en dat feit lieten ze bij FC Brugeois niet ongemerkt voorbijgaan. Op 24 november werd een souper georganiseerd om de 10de verjaardag te vieren. Het menu werd opgesteld in het Brugs dialect, gedrukt en zo naar de leden gestuurd. Het werd eveneens op een bord geschilderd en uitgehangen in het lokaal waar het feest plaatsvond. (Dat bord is bewaard gebleven en staat nu tentoon gesteld in de perszaal van Club Brugge.) Het souper kostte 2 frank per persoon en alle deelnemers werden gevraagd om een prijs mee te brengen voor de tombola die erop volgde. De uitnodiging en  spijskaart zoals het naar de leden werd verstuurd:

d53j7838

 

SOUPEI

Voor de smèèrbolgen van de FOET-

BOLL CLUB van BRUGGE

Omdan ze nog en kèr un joâr oekder zin

(24 november 1901)

MENU

Rosbif à la jardinière

Mè petatten d’r bi

_______

Gestoofd’ ôôzen

Mè appeltjes … (ook gestoofd zeû)

(Gusten gô nog un kè un kakstje gon doen!)

Jen kôas moe je zalve meeë brein’en

_______

Krèmtartjes – Frut

En olle soörte van fine koekstjes

Die gald hee’t kan bier krigen

De krotzakken zuppen Z….!

 

Deze uitnodiging toont duidelijk aan dat Club haar volkse afkomst niet verloochend had, ondanks het feit dat het bestuur grotendeels uit Franstaligen uit de burgerij bestond. Het feit dat op dit souper geen wijn geschonken werd en enkel bier was te krijgen, is daar eveneens een illustratie van. De gierigaards (krotzakken) konden een zich met een ander geel vocht ‘verwennen’. De opmerking over August Van Neste, één van de oudste toen nog actieve spelers, is kenmerkend voor de kameraadschappelijke sfeer waarin Club in die periode gehuld was. In zijn memoires, Voetbalanecdoten, keek Hector Goetinck met weemoed terug op die ongedwongen periode van de prille Club. Welk beter eerbetoon zouden we aan onze pioniers kunnen geven, dan vandaag gestoofde haas of rosbief jardienière klaar te maken.