Het lijkt zo logisch nu. Geen voetbalploeg, zonder een eigen veld. Of zonder kleedkamers en een kantine. En liefst ook nog een paar oefenterreinen. Maar in het prille begin van het voetbal was zelfs dit minimum niet vanzelfsprekend.

Brugsche FC speelde in het begin gewoon op de sportvelden van scholen, en had geen eigen infrastructuur. Ook na de splitsing in Brugsche FC en FC Brugeois, in 1894, had geen van beide ploegen een eigen veld, laat staan stadion. 

Vanaf 1896 huurde FC Brugeois een terrein langs de Gistelse steenweg, oorspronkelijk eigendom van de Brugse Fox Terriër Club. Dit was een enorme stap vooruit. Het terrein had een redelijk complete infrastructuur met een omheining, tribune en kantine.

FC Brugeois richtte er naast voetbal-, ook tennis-, cricket- en touwtrekwedstrijden in.

Ze dienden een jaarlijks bedrag te betalen en de helft van de inkomsten van de voetbalwedstrijden diende ook afgestaan te worden. Verder mocht FC Brugeois het terrein niet verder onderverhuren.

De blauwe indicator geeft de locatie van het Rattenplein weer. Verder zijn ook De Klokke en het Jan Breydelstadion aangegeven.

Dit terrein lag waar nu de Sint-Baafskerk ligt. (zie blauwe indicator op de map, in het rood zijn nog aangeduid “De Klokke” en het huidige stadion)
Dit terrein werd in de volksmond “het Rattenplein” genoemd. Dit was omdat de Fox Terriër Club Bruges er weddenschappen organiseerde, waarbij een Fox Terriër ratten ving.

Dit “spel” ontstond in Londen om er de rattenplagen tegen te gaan.

Het terrein was vrij groot. Aanvankelijk lag er 1 speelveld met de tribune aan de lange kant.

In 1903 besliste de voetbalbond dat een terrein maximum 55 op 105 meter mocht zijn. Daarom besloot men om drie voetbalvelden naast elkaar aan te leggen waardoor de tribune aan de korte kant kwam te liggen. Zo hadden ze twee extra trainingsvelden en kon men het hoofdveld wat sparen, wat geen overbodige luxe was. Het Rattenplein had namelijk last van afwateringsproblemen en stond vaak onder water. De bestuursleden moesten regelmatig de handen uit de mouwen steken om het veld klaar te krijgen.

Op het einde van seizoen 1902-1903 verplaatste men de tribune terug naar de lange kant, om een beter zicht te kunnen geven over het veld. Daardoor verloor Club weer één oefenveld. De resterende ruimte werd gebruikt om een tennisveld aan te leggen, Club Brugge had in die tijd naast een voetbalploeg, namelijk ook een tennisafdeling en atletiekafdeling.

FCB in actie op het "Rattenplein". Deze foto is uit een latere periode (1907-1909). Actiefoto's uit de beginperiode van FCB hebben we niet.

FCB in actie op het “Rattenplein”. Deze foto is uit een latere periode (1907-1909). Actiefoto’s uit de beginperiode van FCB hebben we niet.

In 1907 werden er rondom het veld met behulp van aarde en planken twee treden aangelegd om het zichtcomfort te verbeteren. Door deze maatregelen konden tot 5000 toeschouwers de wedstrijden van Club bijwonen.

De stijgende populariteit van het voetbal noopte Club ook tot maatregelen om het aantal zwartkijkers te verminderen. Er werden doeken gespannen achter de houten omheining zodat men de match niet meer kon volgen door spleten en kieren in de afsluiting. Om te verhinderen dat plantrekkers over de omheining zouden klimmen, smeerde men bij gelegenheden de bovenste planken in met teer.

club-brugge-rattenplein-1909

Ook na de fusie in 1897 bleef FC Brugeois op het Rattenplein spelen. En dit veld zou de thuisbasis blijven tot 1912. In dat jaar verhuist FCB naar een nieuw veld, gelegen recht tegenover het café “La Cloche”, “De Klokke”.